Te diep in het Glass gekeken?

Google Glass, het was me wat! Met veel poeha kondigde Google een paar jaar geleden de komst aan van de eerste echte “draagbare” computer, en wel eentje die je op je neus kon parkeren. De Hipster fanboys die met een beetje geluk (en 1500 Dollar) dit ding op hun neus wisten te planten, konden zich bij de eerste Google-Glassers vervoegen. Maar hun rijk was een kort leven beschoren. Deze maand kondigde Google aan dat ze misschien toch iets te diep in het ‘Glass’ hadden gekeken en legden de productie van dit eerste model stil.

Technisch gezien was de Google Glass een pareltje. Een draagbare computerbril met een minuscuul schermpje, een camera, microfoon en dat allemaal te bedienen via je stem of een kleine beweging van je hoofd. De wonderen van het web stonden paraat in je ooghoek… of toch niet helemaal? We namen zelf de proef op de som en parkeerden er eentje op ons welgevormd neusbeen. Na wat oefenen met de ‘aangepaste hoofdbeweging’ en enkele keren ‘Hello Google’ te roepen, kregen we inderdaad wat informatie op het minuscule schermpje te zien. Sterker nog… de camera was zelfs in staat een stukje Chinese tekst op een blad papier te vertalen en we konden “stem-gestuurd” confirmeren dat onze trein naar huis zoals gewoonte weer te laat was. Het ding was nog een beetje buggy, beetje beta… Maar dit was toch de toekomst… niet?

Aan de andere kant van het Glass

Maar om het echte succes van Google Glass te ervaren moest je aan de overkant van het glas plaatsnemen. Tegenover je zit dan zo een persoon met een hippe bril die opeens een combinatie van een hersenbloeding, een epileptische aanval en Tourettes lijkt te krijgen.

Vanaf het moment dat onze ‘Glasser” “Ik zoek het even op” riep, volgden er enkele spastische hoofdbewegingen en riep hij een aantal keren “OK GOOGLE” gevolgd door de gewenste zoekterm. Daarna werd zijn blik verschrikkelijk afwezig (Hij tuurde intens op het piepkleine schermpje dat zich op 1cm van zijn oogbal bevond). Na dit proces een aantal keer te herhalen (het is nog in beta!) kwam er dan fier het langverwachte antwoord (dat u in afwachting al 20 keer op uw laptop had opgezocht). Het waren vreemde jongens, die early adopters.

Maar laat onze Google-Glasser nu zelfzeker genoeg zijn om zich geen bal aan te trekken over wat de mensen van hem denken, er komt ook nog een andere factor bij kijken: Voor de persoon aan de “andere kant” van de bril was deze “Glasser” eerder een “One-man televisie – surveillance crew” die opeens bij hem binnenliep.

De “Glasser” kon ongegeneerd foto’s maken of zelfs filmen wanneer hij dat wilde met zijn high tech neusfiets. Oogcontact met een Google-Glass drager betekende ook simultaan “lachen voor het vogeltje”. Wie die foto’s achteraf allemaal kon bekijken (of analyseren) was koffiedik kijken. Zo werden de hippe ‘Glassers’ opeens de niet zo geliefde “Glass-Holes”. Maar hoe kwam dat?

We klikken nog maar 30 jaar rond op het internet, terwijl we 35 miljoen jaar lang rudimentaire Powerpoints hebben getekend op de rotswand van onze grot.

Van Glasser naar Glass-Holes

Het is niet de technologische ontwikkeling, maar het gebrek aan sociale acceptatie dat ervoor heeft gezorgd dat Google Glass niet het verwachtte success is geworden. We vergeten soms dat onze technologische evolutie op een drafje vooruitloopt terwijl onze ‘gedragsmatige’ tradities er als een bejaarde op een kapot looprek achteraan moeten. We klikken nog maar 30 jaar rond op het internet, terwijl we 35 miljoen jaar lang rudimentaire Powerpoints hebben getekend op de rotswand van onze grot. Het is niet omdat we sommige dingen technisch ‘kunnen doen’ dat we er gedragsmatig en maatschappelijk klaar voor zijn.

Wat kunt u leren van Google Glass?

Technische innovaties staan nooit op zichzelf. Ongeacht hoe de techniek evolueert, ze moeten steeds in de context van de mens en de maatschappij gezien worden. Een zelfrijdende auto met drie wielen zonder stuur is technisch perfect mogelijk, maar weinigen staan klaar om zo een ding dadelijk te kopen. Waarom niet?: “Dat zijn we niet gewend mijnheer”, luidt het antwoord.

Technisch innoveren en hopen dat de “opleiding achteraf” het wel allemaal kan oplossen is mosterd na de maaltijd.

Wanneer u in uw bedrijf gaat innoveren en ‘afwijkt’ van hetgeen met gewoon is (al is het een nieuwe werkplek, een cloud oplossing, of het invoeren van “telewerken”) is het belangrijk om rekening te houden met gedrag en gewoonte. Innovaties staan niet op zichzelf maar vormen een onderdeel van de driehoek mens-markt-technolgie. Op tijd rekening houden met de “menselijke” factoren, de tradities en gewoonte binnen uw bedrijf wanneer u op punt staat te technisch te innoveren is uitermate belangrijk. Technisch innoveren en hopen dat de “opleiding achteraf” het wel allemaal kan oplossen is mosterd na de maaltijd. Op tijd signaleren hoe deze innovatie zich verhoud tot de markt (de omgeving) en bij de mens (menselijk gedrag, gewoontes) kan u helpen om sneller meters te maken… of zelfs kansen te zien die puur technisch nog niet eens zichtbaar waren.

Te diep in het ‘Glass’ gekeken

Kortom, we zijn nog niet helemaal klaar voor Google Glass, maar het is een kwestie van tijd. De techniek komt zeker op punt maar het zal iets langer duren alvorens onze maatschappij er klaar voor is om dit soort ‘wearables’ te omarmen. We zijn ook gewend geraakt aan oom Jan met zijn grote videocamera op feestjes. We kijken zelfs niet meer op als iemand handsfree loopt te bellen… Alles op zijn tijd.