Column: “4 bakken bier en een paptafel” De kunst van creatieve Social Media proposities

De meeste Social Media lezingen beginnen met één of ander druk Youtube filmpje dat enthousiast op het publiek wordt losgelaten door een over-gecaffineerde marketing yuppie. Daar zie je dan dat er al miljard tweets verstuurd zijn en dat er 400 Youtube filmpjes bijkomen terwijl je aan je neus krabt. De boodschap van deze prentjes is duidelijk: Ga op social media ! Mis de boot niet ! Haast je ! Doe wat ! enz enz … .

Het gevolg is paniekvoetbal: Social media accounts worden inderhaast aangemaakt op alle mogelijke platformen. Maar niemand heeft een idee wat ze daar gaan vertellen. Resultaat : klungelige communicatiepogingen die meer weg hebben van ongerichte reclame OF het resulteert in een lege Facebookpagina. Het is het zoveelste doodgeboren kind van de IT innovatie bij de middelgrote ondernemingen.

Platte reclame op Social Media is als een kortingsbon plakken op het bidprentje van je pas overleden grootmoeder.

Maar hoe komt dat nu ?

Eén van de hoofdredenen is dat Social Media nog altijd strikt gezien wordt vanuit het oogpunt van IT of Marketing. Als een techneut je moet uitleggen hoe je een Social Media campagne opzet, dan kan je net zo goed aan een bouwvakker een recensie over ballet vragen. Van de marketeer kant is het even erg : Platte reclame op Social Media is als een kortingsbon plakken op het bidprentje van je pas overleden grootmoeder. Geen van beide uitersten is wenselijk.

Social Media is een conversatie, een verhaal

Op Social Media gaan mensen in een virtuele sociale omgeving met elkaar om. Ze willen interactie, zich inleven in een verhaal, sociale relaties uitbouwen. Er zijn verschillende strategische visies over hoe je Social Media kan inzetten. Hetgeen ze allemaal gemeen hebben is de propositie : “Persoon – Proces – Product”.

Zo begint elke succesvolle Social Media met de volgende vragen: “Wie ben ik ?” “Wat is mijn proces ?” en “Wat is mijn product ?”. Waar platte reclame begint (en eindigt) bij de laatste vraag, gaan mensen soms meer interesse hebben in de eerste twee.

“Maar hoe moet ik het dan doen op Social Media ? “. De vraag kwam van een jonge onderneemster uit het publiek bij één van onze lezingen over Social Media. Met haar reclamebedrijf, dat zich onder andere specialiseert in belettering van etalages, was nog op zoek naar een originele Social Media pitch. Het posten van haar ‘Producten’ op Facebook kreeg niet het gewenste engagement.

Wat kon ze doen ? We spitsten ons dus toe op de eerste twee : Persoon en Proces. Op de vraag “Waar zijn je klanten benieuwd naar ?” kregen we een boeiend antwoord. Sommige klanten geloofden niet dat zij als klein meisje, geconcentreerde charme in een form factor van 160 cm, zo een grote etalage helemaal alleen kon beplakken. De manier waarop ze dat deed was echter nog boeiender: Het omvatte een constructie van trapladders, behang-tafels en … 4 bakken bier, om de gigantische stickers te ondersteunen en op te hangen. En in dat antwoord werd haar Social Media propositie plots glashelder.

Zo is een filmpje hoe deze jongedame een gigantische etalage kan beplakken met trapladders, behang tafels en bierbakken, het ideale recept om haar boodschap viraal te laten gaan.

Iedere ondernemer verkoopt een product (of dienst), maar op Social Media heeft men soms meer interesse in de persoon of het proces. Zo is een filmpje hoe deze jongedame een gigantische etalage kan beplakken met trapladders, behang tafels en bierbakken, het ideale recept om haar boodschap viraal te laten gaan.

Een scheut info-tainment, een lepel huisstijl en een scheutje humor zorgen dat posts gedeeld worden en zo hun eigen leven gaan leiden. Juist dat ‘eigen leven’ is zo veel krachtiger dan enkel platte reclame want hier is er sprake van echt engagement.

Dus we wachten vol spanning af op de eerste ‘making off’ clip van deze jongedame die hiermee een succesvolle gooi kan doen naar een berg “likes” en een hoop “shares”. Want een goeie Social Media campagne bestaat uit de relatie die mensen opbouwen met de persoon en de interesse in het proces. En ook al omvat dit trapladders, behangtafels en 4 bakken bier … het resultaat telt.

Bent u ook op zoek naar advies voor het uitbouwen van een effectieve Social Media campagne ? Brainrangers weet raad. Contacteer ons vrijblijvend op info@brainrangers.be voor een afspraak.

De verschillende soorten back-ups (en welke je het best gebruikt)

“You don’t know what you’ve got ‘till you loose it”. Wie belangrijke bestanden al eens is kwijtgeraakt ZONDER  een goeie back-up, kan dit nummer zeker luidkeels meezingen. Back-ups zijn belangrijk. Ze kunnen je uren werk besparen als je per ongeluk iets hebt weggegooid maar evenzeer je bedrijf van de ondergang redden wanneer er echt iets fout gaat. Maar welke back-up is nu de beste en hoe vaak moet je back-uppen ?

Welke soort bestanden zijn er

De harde schijf van je computer (of je server) staat vol met data. Die data is meestal in 3 soorten te herleiden:

  • Het besturingssysteem : Dit zijn alle bestanden die nodig zijn om het systeem te doen werken (Het Linux, Mac of Windows operating system). Deze bestanden worden weggeschreven wanneer de computer voor het eerst geïnstalleerd wordt.
  • Applicatiedata : Dit zijn alle bestanden die weggeschreven worden door de applicaties die je installeert. (bv : De installatiebestanden van Office of je boekhoudprogramma)
  • Gebruikersdata : Dit zijn de bestanden die door jou of andere gebruikers aangemaakt worden : Je rekenbladen, tekstdocumenten, foto’s etc.

Je besturingssysteem back-uppen heeft enkel zin als je een volledige “spiegel back-up” doet van je harde schijf.

Wat moet je back-uppen?

Wat er ALTIJD in je back-up moet steken zijn de gebruikersdata. Dit zijn de bestanden die door jou of je werknemers aangemaakt zijn en die ‘uniek’ zijn.

Heb je een boekhoudpakket met een aantal specifieke instellingen of parameters ? Back-up dan ook de applicatiedata. Stel er gaat iets mis met jullie server of met je laptop en je moet alles herinstalleren, dan kan de back-up van je applicatiedata helpen deze specifieke instellingen snel terug te zetten. Vraag hiervoor inlichtingen aan de leverancier van je software pakket.

Het besturingssysteem : Het heeft weinig zin alle bestanden van je besturingssysteem te back-uppen. Als er echt iets fout gaat bestaat de kans dat je dit toch ‘vers’ gaat moeten herinstalleren. Je besturingssysteem back-uppen heeft enkel zin als je een volledige “spiegel back-up” doet van je harde schijf.

Welke soorten back-ups zijn er?

Er zijn verschillende soorten van back-ups. Afhankelijk van de hoeveelheid data die je moet back-uppen en de snelheid waarmee je back-up loopt kan je een van de volgende opties kiezen :

De volledige back-up
Een volledige back-up is er een van alle bestanden. (bv Al je gebruikersdata). Telkens je de backup start worden alle bestanden meegenomen in de nieuwe backup. Ook die bestanden die je al 2 jaar niet meer aangeraakt hebt.
Voordeel : Je hebt al je bestanden in 1 back-up.
Nadeel : Doorlooptijd en omvang : Iedere back-up is even groot als je volledige “dataset”.

De differentiële Back-up
Bij een differentiële back-up maak je eerst een ‘volledige’ back-up. Daarna gaat de differentiële back-up enkel DIE bestanden opslaan die sinds de volledige back-up gewijzigd zijn.

Bijvoorbeeld. : Je maakt een volledige back-up op vrijdagavond en al de andere dagen maak je een differentiële back-up. Enkel die bestanden die sinds vrijdag veranderd zijn worden dan opgeslagen.

Voordeel : differentiële back-ups zijn sneller klaar.
Nadeel : Je hebt naast je differentiële back-up ook nog altijd een volledige back-up nodig.

De incrementele Back-up
De incrementele back-up is meer een ‘deze vuist op deze vuist’ back-up. Je maakt eerst een initiële (volledige) back-up. Daarna worden enkel de bestanden weggeschreven die veranderd zijn na de vorige back-up. Iedere incrementele back-up bouwt dus verder op zijn voorganger.

Bv : Je maakt iedere dag een incrementele back-up. De back-up van maandag bevat enkel de bestanden die gewijzigd zijn sinds zondag. De back-up van dinsdag bevat enkel de bestanden die gewijzigd zijn sinds maandag en ga zo maar door.

Voordeel : Incrementele back-ups zijn kleiner van omvang en zijn sneller klaar.
Nadeel : Bij het terugzetten van je back-up is het even opletten geblazen welke versie van je incrementele back-up je gaat terugzetten.

De mirror (Spiegel)
Bij een “Mirror” back-up worden alle bestanden gespiegeld. De back-up is een zogenaamde realtime copie van je data. Gooi je een bestand weg, dan wordt dit bestand ook dadelijk weggegooid in je back-up.

Voordeel : Zeer handig bij een back-up van je volledige harde schijf.
Nadeel : Je kan niet teruggaan in de tijd. Wat je weggooit in je originele data wordt ook dadelijk verwijderd uit de back-up.

En hoe vaak moet ik back-uppen?

Hoeveel data (werk) kan je verliezen en wat is hiervan de impact op je bedrijf ? Dit getal gaat de optimale ”frequentie” van je back-ups bepalen. Dus 1 dag back-up per dag is slechts 1 dag verliezen. Hou ook altijd rekening met de doorlooptijd van je back-up. Als het 48 uur duurt voordat je ‘volledige back-up’ klaar is kan je die niet om de 24 uur starten. Kies in dat geval voor een differentiële of incrementele back-up.

Wees verstandig en leer deze les niet “uit ervaring”.

Niet ‘al doende’ leren

Back-ups zijn belangrijk. De meeste bedrijven zien dit echter pas in nadat ze eens met hun neus tegen de muur zijn gelopen en bestanden zijn kwijtgeraakt. Wees verstandig en leer deze les niet “uit ervaring”.

Hebt je vragen over back-ups en back-up strategieën, geef ons gerust een seintje. Brainrangers maakt graag een analyse van je digitale situatie en werkt de oplossing uit die het best bij u past. Neem gerust contact met ons op voor meer informatie.

Als de brandweer voor de deur staat: het digitale calamiteitenplan

Het stond vanmorgen in de krant: “Computer mogelijke oorzaak van bedrijfsbrand in Kolmen”. Het Alkense bedrijf zal een moeilijke week tegemoet gaan als we de krant mogen geloven. De inboedel van de kantoren ligt zwartgeblakerd op het gazon. Hier en daar herkennen we een bureaustoel, wat papierwerk en een half gesmolten laptop. Het kan u ook overkomen en de vraag is dan: Hoe gaat u het de volgende werkdag aanpakken?

Als u nog moet nadenken over ‘wat nu’ wanneer de blauwe zwaailichten de straat verlichten, dan bent u te laat.

In de IT-branche noemen we het “disaster recovery” De kunst om bij een calamiteit als deze zo snel mogelijk uw digitale bedrijfsprocessen te herstarten. Uw kantoorruimte brandt uit, stort in of staat te dobberen in het water. Al uw IT-infrastructuur is verloren. Hoe begint u opnieuw?

1. Maak een plan

Als u nog moet nadenken over ‘wat nu’ wanneer de blauwe zwaailichten de straat verlichten, dan bent u te laat. Maak daarom vooraf een plan wat u gaat doen als uw bedrijfspand verloren is en waarheen u gaat uitwijken.

Op IT vlak wil dit zeggen: schets een gedetailleerd beeld van uw bestaande infrastructuur, applicaties en processen. Vervolgens werkt u voor ieder onderdeel uit hoe u in ‘van nul af aan’ kunt herbeginnen.

2. Stel de data veilig

Natuurlijk maakt u dagelijks of wekelijks een backup van al uw gegevens, maar waar ligt die backup? Stonden ze misschien in de kast van de nasmeulende serverruimte? Succes dan! Zorg dat uw backups steeds offsite bewaard worden. Dat kan eenvoudig door de backups (op tape of disk) elke dag mee te nemen naar huis. U kan ze ook in ‘real time’ spiegelen. Met 2 servers (ééntje in uw bedrijf, de andere op een 2e locatie) die hun data over het internet synchroniseren, hebt u altijd een recente versie ‘offsite’ klaar staan.

Werkt u met een cloud oplossing? Dan staan de gegevens waarschijnlijk al veilig in de cloud en kan u van ‘overal’ waar u een internet verbinding hebt terug opstarten.

U wil op zo een moment niet liggen zoeken achter dvd’s en serienummers

3. Zorg voor uw applicaties

Prima, de data zijn veilig, maar hoe zit het met uw applicaties? U gaat ook deze op (nieuwe) pc’s moeten installeren. Stel daarom de installatie media (cd’s etc), licentiesleutels en support gegevens, veilig op een andere locatie. U wil op zo een moment niet liggen zoeken achter dvd’s en serienummers om vervolgens een week te moeten wachten voordat de technieker het komt installeren.

4. Waar zijn de machines?

Die hoop gesmolten computers in uw bedrijf, die moeten natuurlijk ook snel vervangen worden. Spreek daarom met uw Hardware leverancier af welke machines u nodig hebt en hoe snel hij gelijkaardige machines kan aanleveren. Bewaar desnoods een paar van uw oude computers op een andere locatie om toch al ‘iets’ achter hand te hebben. Werkt u met laptops? Neem ze dan ’s avonds altijd mee naar huis zodat u ze bij een calamiteit steeds bij de hand hebt.

Zorg dat, bij het vaststellen van een ‘uitwijklocatie’ ook beschikt over de nodige connectiviteit.

5. Verbindingen

U hebt uw data, uw software en de machines om mee te werken, maar bent u verbonden? Zorg dat, bij het vaststellen van een ‘uitwijklocatie’ ook beschikt over de nodige connectiviteit. Dit geld zowel voor dataverbindingen als voor telefonie. Neem contact op met uw provider met de vraag of zij uw telefonie verkeer ook kunnen doorschakelen naar uw uitwijklocatie.

6. Maak goede afspraken

Neem vooraf contact op met uw IT-leveranciers en maak heldere afspraken over wat u van hen kunt verwachten als het echt fout gaat. Hoe snel zijn ze ter plaatse, hoe vlug kunt u de nodige hardware/software/verbindingen verwachten. Zorg dat deze afspraken duidelijk op papier staan. “Zo snel mogelijk” klinkt mooi in een offerte maar vraag objectieve termen zoals x uren en dagen bij het afspreken van interventie tijden.

We hopen natuurlijk dat u uw ‘calamiteits plan’ nooit moet gebruiken, maar dat wil daarom niet zeggen dat u het niet moet opstellen. IT-infrastructuur maakt een steeds groter wordend deel uit van de manier waarop bedrijven hun ding doen. Tijd is geld en hoe te sneller u ‘digitaal’ weer op de been bent, hoe beter.

Hebt u vragen rond dit onderwerp of bent u op zoek naar onafhankelijk advies bij het opstellen van uw digitaal calamiteitenplan? Neem dan gerust contact met ons op. 

Groetjes uit de cloud: 6 lessen uit een cloudmigratie

De cloud! Iedereen heeft het er over. Vlotte IT jongens dwepen al maanden met hun “cloud based solutions” als het wondermiddel tegen elk IT probleem. Financiële controllers staan met fonkeloogjes voor uw kantoor en terwijl ze fanatiek wijzen naar de kostenbesparing die “de cloud” met zich kan meebrengen. Vlotte verkopers houden niet op met u te bellen omdat ze toch zo graag met u naar “de cloud” willen. Het klinkt aanlokkelijk maar wat betekent het nu echt voor u bedrijf als u die stap gaat zetten? Wij geven u een paar bedenkingen (van iemand die er al geweest is).

Het is alsof uw oudste dochter voor het eerst alleen op vakantie gaat. U moet haar ontbijt niet meer klaarmaken, maar hebt ook geen controle over welke jongeman dat nu wel voor haar aan het doen is.

1. Laat los

Naar de cloud gaan betekent loslaten. Door je applicatie/data in de cloud te hosten kan je een hele hoop zorgen (en kosten) rond infrastructuur en hosting “loslaten”. Falende airco’s in de serverruimte, hard- en software upgrades van het serverpark, licentiekosten en backup schema’s zijn maar een paar dingen die u eindelijk ‘uit handen’ geeft als u migreert. Maar u laat ook de controle los. Het enige wat u krijgt is een beschikbaarheidsovereenkomst (de cloud is ‘altijd’ online). Die 99.9999 procent uptime is natuurlijk geweldig maar gedurende die 0.00001 % downtime hebt u totaal geen controle. Zelden is er in de cloud sprake van een afgesproken downtime of maintenance window. Of het werkt of het werkt niet. En als het niet werkt kan u enkel wachten. Het is alsof uw oudste dochter voor het eerst alleen op vakantie gaat. U moet haar ontbijt niet meer klaarmaken, maar hebt ook geen controle over welke jongeman dat nu wel voor haar aan het doen is.

2. Neem genoegen met de standaard

Of u nu voor een PAAS (Platform as a Service) of een SAAS (Software As A Service) oplossing gaat, onthoud goed: Het blijven standaard smaakjes. De krachtige infrastructuur, de hoge uptime en de lage kosten zijn het gevolg van verregaande standaardisatie. De IT-diva’s van uw bedrijf (u kent ze wel, de heren dames die tot in de hoogste boom escaleren omdat ze een roze laptop willen wanneer iedereen een grijze heeft) gaan ongeacht hun connecties binnen het bedrijf genoegen moeten nemen met de deze nieuwe cloudstandaard die voor iedereen geld. Verder verliest u ook wat flexibiliteit. Een functionaliteit bijvoegen aan een cloud applicatie is niet langer een snel klusje voor de in-house programmeur. Wanneer cloudprovider X morgen beslist om functionaliteit Y te schrappen dan hebt u daar weinig of niets over te zeggen. Als u corporate communicatie-afdeling vindt dat het “blauw” van Sharepoint online niet overeenkomt met het “blauw” van uw bedrijfslogo, gaan ze heel wat windmolens mogen bekampen eer ze die slag thuishalen.

Nee! We kunnen er niets aan doen dat die labelprinter nu niet meer met de cloud applicatie werkt… Nee! Ook niet als u daar drie keer per dag voor belt.

3. Manage de verwachtingen van je gebruikers

Op veel gebieden kan een cloudmigratie een stap vooruit zijn, maar laten we een kat een kat noemen: veel cloudmigraties hebben een financiële trigger. Met de verlaging van de kosten komt ook een verkleining van specifieke functionaliteiten. Maak uw gebruikers niets wijs en communiceer duidelijk wat ze kunnen verwachten: ja, vanaf morgen heb je een Outlook client op je iPad. Nee! We kunnen er niets aan doen dat die labelprinter nu niet meer met de cloud applicatie werkt… Nee! Ook niet als u daar drie keer per dag voor belt.

4. Bandbreedte boven beschikbaarheid

Veel bedrijven werken nog met managed WAN solutions: relatief dure internetverbindingen met vaste beschikbaarheidspercentages. Een cloudmigratie kan aardig wat vragen van uw internetverbinding en de ingekochte capaciteit is misschien niet voldoende. Weeg daarom beschikbaarheid af tegen capaciteit. Het is soms handiger om een 100mbit verbinding te nemen zonder garantie op beschikbaarheid of capaciteit dan een 10mbit verbinding die wel die garanties heeft. Er zitten een aantal schakels tussen uw computer en de cloud. Waarom zou u die eerste schakel (uw managed WAN-lijn) willen ‘verzekeren’ terwijl u de andere schakels toch niet meer in handen hebt?

5. Het duurt allemaal wat langer dan verwacht

Wanneer u het financiële plaatje tekent van uw cloudmigratie, hou dan ook rekening met de doorlooptijd. Het zal even duren voordat u al uw data richting die magische cloudcentra gemigreerd hebt. Ondertussen gaat het werk natuurlijk gewoon door. Omdat ‘in-house’ en clouddiensten niet altijd met elkaar kunnen communiceren kan dit wel een probleem opleveren als u met één voet in de cloud en met de andere voet nog in uw datacenter staat.

Encrypteer uw data in de cloud als het ècht vertrouwelijk moet blijven.

6. Maak u geen illusies

Wie kan er aan onze bedrijfsdata? Waar worden onze files gehost in de cloud?… Dat zijn vragen die uw legal department uiteraard gaat stellen. Veel Europese bedrijven krijgen van cloudproviders de garantie dat hun data in “Europese datacenters” wordt opgeslagen en dus niet toegankelijk is voor de Amerikaanse overheid. Maat u echter geen illusies: wanneer de Amerikaanse overheid een Amerikaans bedrijf het bevel geeft tot “openmaken” dan gaan de datacenters open, ongeacht waar ze zich bevinden. Encrypteer uw data in de cloud als het ècht vertrouwelijk moet blijven.

We stappen over van “a la carte” dineren naar het nemen van de “dagschotel van de chef”.

Conclusie

Mijn persoonlijke ervaringen in cloudmigraties bij zowel grote als kleine bedrijven leerden me dat ze vooral een verandering in mentaliteit vragen. We stappen over van “a la carte” dineren naar het nemen van de “dagschotel van de chef”. In ruil voor de ontzorging op het gebied van infrastructuur krijgt de organisatie een voorgesneden-koek-oplossing op een beduidend grotere schaal. De CIO die vol trots aan zijn raad van bestuur aankondigt dat we “naar de cloud gaan” om kosten te besparen, moet ook paraat staan om die “ontzorging” te verantwoorden wanneer het voor het eerst goed fout gaat met de cloud. Want dan staat hij, samen met alle andere gebruikers machteloos te wachten tot ie het weer doet.

Broodje digitaal: 6 richtlijnen om ICT succesvol in te zetten

Het leek een beetje een verhaal uit een Monty Python sketch, althans, voor een over-gedigitaliseerde nerd als ik, maar het is niets minder dan de waarheid: een vriendin had vorig weekend last van een hongertje en kreeg trek in iets lekkers uit de plaatselijke populaire broodjesbar.  Zuchtend keek ze al op tegen de lange rij waaraan ze op het middaguur met knorrende buik moest aansluiten. Stel dat ze nu eens online kon bestellen? Een paar muisklikken later vond ze het prachtige online bestelformulier van de broodjesbar.

“Het spijt ons mevrouw, die hebben wij nog niet behandeld. De bazin zet de computer altijd aan en vandaag komt die pas om 2 uur in de namiddag”.

Type broodje, beleg, sausje, specials… alles was met een muisklik te selecteren. Hoera! Nadat ze haar bestelling had verzonden trok ze moedig richting de gastronomische hotspot waar ze haar zinnen op had gezet. Ze stapte ze zelfzeker richting de toonbank (terwijl ze nog even minachtend keek naar de lange rij van aanschuivende digibete-mede-klanten) en vroeg watertandend of haar ‘online bestelling’ klaar was.

Het antwoord van de medewerkster achter de toonbank was ontnuchterend: “Het spijt ons mevrouw, die hebben wij nog niet behandeld. De bazin zet de computer altijd aan en vandaag komt die pas om 2 uur in de namiddag”.

Fictie? Kafka? verborgen camera? Helaas: het is een typisch voorbeeld hoe het belang van ICT en digitalisering totaal gemist kan worden binnen een bedrijf. Hou daarom deze 6 richtlijnen in het achterhoofd wanneer je gaat digitaliseren.

1. Koop in wat je echt nodig hebt

Kijk eerst heel goed naar wat je doet binnen je bedrijf. Welke dingen nemen veel tijd in beslag? Waar zou je door te digitaliseren de dingen kunnen versnellen of vereenvoudigen? Neem de antwoorden op deze vragen als leidraad voor je volgende ICT-investering. Je moet niet het nieuwste hebben omdat het “nieuw” is… je moet hebben wat je nodig hebt.

2. Laat je onafhankelijk adviseren

De verkoper van HP of Dell zal uiteraard zeggen dat zijn toestellen de perfecte (en enige) oplossing bieden voor hetgeen je wil bereiken. Maar hij/zij heeft dan ook een agenda… Verkopen. Neem vooraf  je offertes even door met een onafhankelijke consultant om het allemaal even te toetsen tegen hetgeen je echt nodig hebt. Een uurtje consultancy kan vele euro’s in een investering besparen.

3. Denk ook aan overmorgen

Denk niet alleen aan hoe je bedrijf er vandaag uitziet, maar denk ook aan overmorgen. Hoe zou ICT je in de toekomst kunnen helpen wanneer je gaat groeien? Meerdere vestigingen, meer personeel, nieuwe bedrijfstakken. Is je ICT oplossing ook schaalbaar?

4. ICT kan ook het voortouw nemen

Alhoewel de basis rol van ICT ligt in ondersteuning van de bedrijfsprocessen, zien we meer en meer dat ze ook gaat leiden. Digitale tools geven bedrijven opeens meer mogelijkheden, nieuwe klanten, nieuwe markten en nieuwe manieren om dingen te doen. Het blijft hier echter belangrijk om het verschil te zien tussen het volgen van voorbijgaande trends en het maken van duurzame strategische beslissingen.

5. ICT is geen ‘extraatje

Of het nu om een online bestelportal gaat of een Sharepoint-omgeving voor 2000 mensen: ICT is geen “extraatje” dat je inkoopt om “mee te lopen met de rest”. De kracht van het gebruik van ICT ligt niet in het feit of je nu de nieuwste of hipste oplossingen hebt, maar in hoeverre die oplossing ook rendeert. Dat rendement hangt af van hoe die ICT oplossing effectief ingezet wordt. Online bestellen is zinloos als niemand het nodig vind om de computer aan te zetten.

6. Neem je E-services ernstig

Een webshop die niet up to date is, een bestel portal die niet gecontroleerd wordt, een klant die aan de telefoon niet geholpen kan worden omdat “het systeem traag is”… Het zijn dingen die vandaag de dag niet meer door de beugel kunnen. Wanneer u de stap zet om te digitaliseren is het gebruiken van die digitale processen even belangrijk als het optrekken van uw winkel rolluik. De klant van vandaag is gewend aan services van bedrijven als BOL.COM, Amazon en Zalando. Het “niet ernstig nemen” van uw eigen E-service oplossingen is voor hen onvergeeflijk.

Inzetten van digitale technologie is geen extraatje. Het moet een wezenlijk onderdeel zijn van de visie en de strategie van je bedrijf.

Inzetten van digitale technologie is geen extraatje. Het moet een wezenlijk onderdeel zijn van de visie en de strategie van je bedrijf. Wie zijn we? Wat doen we? Waar willen we heen en hoe gaan we daar geraken? Dat zijn de basisvragen die het ontwerp, de inzet en het belang van ICT oplossingen bepalen. Deze antwoorden gaan gebruiken in het kiezen  (en inzetten) van een digitale oplossing is essentieel voor haar rendement.

Veel geld tegen een online bestelportal aangooien maar nalaten om de computer aan te zetten is een pijnlijk voorbeeld van hoe het mis kan gaan. Mijn vriendin is dan maar braafjes in de rij gaan staan en heeft haar bestelling nogmaals “mondeling” moeten doorgeven. Zelf had ik gekozen voor een broodje ‘Digitaal’ met in het midden een dikke lap visie, een strategiesausje en wat “opleiding” als beleg. Maar ik denk niet dat je dit broodje kan bestellen bij onze broodjeszaak, zelfs niet online.

Column: de Kompjoeter!

Volgens een studie zou de computer 50% van de Belgische jobs bedreigen. Maar is dat wel zo?

Toen ik gisteren de online pagina van de Standaard opensloeg zag ik de kop in grote letters staan “Computer bedreigt helft van de Jobs in België”. Ik waande me even in de jaren 70 toen de opkomst van de automatisatie (“Robots mijnheer, Robots gaan ons werk afpakken!”) DE grote angst was van de werkende bevolking. Had een krantenkop als deze nog wel een plaats in 2015? Klaarblijkelijk zat de angst voor de digitalisatie er ook bij de Standaard dik in want het merendeel van het artikel zat achter een pay-wall. Enkel wie (via de computer) had betaald kon (via de computer) het artikel lezen. Met die centen werden de journalisten die het artikel (op een computer) hadden geschreven, van een job voorzien. Proeft u de ironie al?

De Kompjoeter Jo! De Kompjoeter gaat ons allemaal vervangen!”

Gelukkig was een stuk van het artikel wel toegankelijk voor Jan modaal en wat ik daar las deed me een beetje denken aan mijn oude tante toen ze na 25 jaar dienst bij de “Dienst Douane en Accijnzen” opeens een computer op haar bureel geparkeerd kreeg. De angst om ‘weg-geautomatiseerd te worden’ zat er bij haar toen ook dik in. “De Kompjoeter Jo! De Kompjoeter gaat ons allemaal vervangen!” mompelde ze ongerust. Had ze gelijk? Waarschijnlijk heeft die computer op haar kantoor er onderhand aan bijgedragen dat de stoffige ijzeren dossierkasten en ratelende tijpmachines verdwenen zijn. De afname in het aantal douaniers heeft echter meer te maken met het wegvallen van de Europese grenzen dan met “Die boosaardige Kompjoeter!”

Bij wijze van experiment heb ik mijn poetsvrouw een dag vrijaf gegeven en mijn laptop aan de stofzuiger vastgeplakt.

Voor administratieve medewerkers, verkoops-assistenten huishoudhulpen en schoonmakers zou de extinctie nabij zijn volgens het artikel in de Standaard. Nu zie ik wel een digitale impact in de eerste twee beroepen maar frons de wenkbrauwen bij de laatste. Bij wijze van experiment heb ik mijn poetsvrouw een dag vrijaf gegeven en mijn laptop aan de stofzuiger vastgeplakt. Ik ben al een paar keer gaan kijken maar ik zie of hoor nog geen beweging in de woonkamer.

De digitalisatie zal zeker een verschuiving meebrengen maar eerder op basis van bedrijfsprocessen (en de optimalisatie er van) dan op het uitroeien van de werkende mens. Net zoals we de laatste eeuw verschoven van een “landbouw & arbeid” economie naar een “diensten & kennis” economie, zal ook onze kennis-economie een steeds snellere evolutie ondergaan. Het artikel berust meer sensatiezucht dan op onderbouwde inhoud want onderaan staat braafjes dat je de studie met een korreltje zout mag nemen.

Maar zoals de ‘ambacht’ van een scharenslijper niet meer bestaat, zo bestond de job van “Telenet installateur” vroeger ook niet.

De echte evolutie van de digitalisering is impact op de rol van IT (en de automatisatie) die dichter bij de business komt te staan. Automatisatie en digitalisatie zijn intrinsiek verweven in de core-business van bedrijven. Inter-connectiviteit door het internet heeft een wezenlijke impact op ons ons bedrijf en het gedrag van onze klanten. Er zullen bepaalde “beroepen” verdwijnen, maar daarom geen arbeidsplaatsen. Maar zoals de ‘ambacht’ van een scharenslijper niet meer bestaat, zo bestond de job van “Telenet installateur” vroeger ook niet. Beroepen komen en gaan. Dus laten we ophouden met dit soort bangmakerij dat mensen enkel drijft tot het afremmen van digitale innovaties. De toekomst komt steeds sneller op ons af en we moeten ons dus ook steeds sneller kunnen aanpassen.

Maar ik moet nu gaan… mijn vrouw vraagt hoe het komt dat de woonkamer er zo stoffig bijligt en waarom de laptop op de stofzuiger geplakt is. Ik denk dat het tijd is om de poetsvrouw te bellen. Als dat beroep tenminste nog bestaat!

Link: het artikel van De Standaard

Te diep in het Glass gekeken?

Google Glass, het was me wat! Met veel poeha kondigde Google een paar jaar geleden de komst aan van de eerste echte “draagbare” computer, en wel eentje die je op je neus kon parkeren. De Hipster fanboys die met een beetje geluk (en 1500 Dollar) dit ding op hun neus wisten te planten, konden zich bij de eerste Google-Glassers vervoegen. Maar hun rijk was een kort leven beschoren. Deze maand kondigde Google aan dat ze misschien toch iets te diep in het ‘Glass’ hadden gekeken en legden de productie van dit eerste model stil.

Technisch gezien was de Google Glass een pareltje. Een draagbare computerbril met een minuscuul schermpje, een camera, microfoon en dat allemaal te bedienen via je stem of een kleine beweging van je hoofd. De wonderen van het web stonden paraat in je ooghoek… of toch niet helemaal? We namen zelf de proef op de som en parkeerden er eentje op ons welgevormd neusbeen. Na wat oefenen met de ‘aangepaste hoofdbeweging’ en enkele keren ‘Hello Google’ te roepen, kregen we inderdaad wat informatie op het minuscule schermpje te zien. Sterker nog… de camera was zelfs in staat een stukje Chinese tekst op een blad papier te vertalen en we konden “stem-gestuurd” confirmeren dat onze trein naar huis zoals gewoonte weer te laat was. Het ding was nog een beetje buggy, beetje beta… Maar dit was toch de toekomst… niet?

Aan de andere kant van het Glass

Maar om het echte succes van Google Glass te ervaren moest je aan de overkant van het glas plaatsnemen. Tegenover je zit dan zo een persoon met een hippe bril die opeens een combinatie van een hersenbloeding, een epileptische aanval en Tourettes lijkt te krijgen.

Vanaf het moment dat onze ‘Glasser” “Ik zoek het even op” riep, volgden er enkele spastische hoofdbewegingen en riep hij een aantal keren “OK GOOGLE” gevolgd door de gewenste zoekterm. Daarna werd zijn blik verschrikkelijk afwezig (Hij tuurde intens op het piepkleine schermpje dat zich op 1cm van zijn oogbal bevond). Na dit proces een aantal keer te herhalen (het is nog in beta!) kwam er dan fier het langverwachte antwoord (dat u in afwachting al 20 keer op uw laptop had opgezocht). Het waren vreemde jongens, die early adopters.

Maar laat onze Google-Glasser nu zelfzeker genoeg zijn om zich geen bal aan te trekken over wat de mensen van hem denken, er komt ook nog een andere factor bij kijken: Voor de persoon aan de “andere kant” van de bril was deze “Glasser” eerder een “One-man televisie – surveillance crew” die opeens bij hem binnenliep.

De “Glasser” kon ongegeneerd foto’s maken of zelfs filmen wanneer hij dat wilde met zijn high tech neusfiets. Oogcontact met een Google-Glass drager betekende ook simultaan “lachen voor het vogeltje”. Wie die foto’s achteraf allemaal kon bekijken (of analyseren) was koffiedik kijken. Zo werden de hippe ‘Glassers’ opeens de niet zo geliefde “Glass-Holes”. Maar hoe kwam dat?

We klikken nog maar 30 jaar rond op het internet, terwijl we 35 miljoen jaar lang rudimentaire Powerpoints hebben getekend op de rotswand van onze grot.

Van Glasser naar Glass-Holes

Het is niet de technologische ontwikkeling, maar het gebrek aan sociale acceptatie dat ervoor heeft gezorgd dat Google Glass niet het verwachtte success is geworden. We vergeten soms dat onze technologische evolutie op een drafje vooruitloopt terwijl onze ‘gedragsmatige’ tradities er als een bejaarde op een kapot looprek achteraan moeten. We klikken nog maar 30 jaar rond op het internet, terwijl we 35 miljoen jaar lang rudimentaire Powerpoints hebben getekend op de rotswand van onze grot. Het is niet omdat we sommige dingen technisch ‘kunnen doen’ dat we er gedragsmatig en maatschappelijk klaar voor zijn.

Wat kunt u leren van Google Glass?

Technische innovaties staan nooit op zichzelf. Ongeacht hoe de techniek evolueert, ze moeten steeds in de context van de mens en de maatschappij gezien worden. Een zelfrijdende auto met drie wielen zonder stuur is technisch perfect mogelijk, maar weinigen staan klaar om zo een ding dadelijk te kopen. Waarom niet?: “Dat zijn we niet gewend mijnheer”, luidt het antwoord.

Technisch innoveren en hopen dat de “opleiding achteraf” het wel allemaal kan oplossen is mosterd na de maaltijd.

Wanneer u in uw bedrijf gaat innoveren en ‘afwijkt’ van hetgeen met gewoon is (al is het een nieuwe werkplek, een cloud oplossing, of het invoeren van “telewerken”) is het belangrijk om rekening te houden met gedrag en gewoonte. Innovaties staan niet op zichzelf maar vormen een onderdeel van de driehoek mens-markt-technolgie. Op tijd rekening houden met de “menselijke” factoren, de tradities en gewoonte binnen uw bedrijf wanneer u op punt staat te technisch te innoveren is uitermate belangrijk. Technisch innoveren en hopen dat de “opleiding achteraf” het wel allemaal kan oplossen is mosterd na de maaltijd. Op tijd signaleren hoe deze innovatie zich verhoud tot de markt (de omgeving) en bij de mens (menselijk gedrag, gewoontes) kan u helpen om sneller meters te maken… of zelfs kansen te zien die puur technisch nog niet eens zichtbaar waren.

Te diep in het ‘Glass’ gekeken

Kortom, we zijn nog niet helemaal klaar voor Google Glass, maar het is een kwestie van tijd. De techniek komt zeker op punt maar het zal iets langer duren alvorens onze maatschappij er klaar voor is om dit soort ‘wearables’ te omarmen. We zijn ook gewend geraakt aan oom Jan met zijn grote videocamera op feestjes. We kijken zelfs niet meer op als iemand handsfree loopt te bellen… Alles op zijn tijd.

The Cupertino revolution

You can’t ‘think different’ if you are the establishment

There is a strange but poetic justice in the course of history. A strange cycle of events that is best described in Orwell’s thrilling novel 1984 about the rise and fall of the working class. How the word Revolution means the “rotation” of forces in power. How the underdogs work their way up against the hated upper class, how they seize power and in the end become just like those they hated so much. The circle is complete as they in turn are overthrown only to have everything start over again.

I remember a time when this little computer firm from Cupertino was the underdog. When only a small and shady circle of die hard users believed in the quaint little computers with their fruity logo. I remember a time when this specific brand was reserved for graphic designers and dusty university professors who touted them as “the intellectual bling” of the upper class.

It was a time where Redmond and their window to the world ruled supreme and the biggest was going on was between Netscape and Internet explorer. Torvalds and his geeky invention were reserved for the bearded few and we thought things would never change.

I have seen the star rise over Cupertino and watched in enthusiasm, then in awe, then with fearful eyes how Apple became the richest company on the planet, in the lifespan of the average pet cat. I would have never thought it would go THAT fast.

I wake up in a world where Blackberry has fallen from grace, Nokia is struggling and Windows fights valiantly, trying to sail their ship through the rough sees of change.

Now I wake up in a world where you can buy a Mac on every corner. Every kid who had an iPod now sports an iPhone and the word is out to make “iPad” the generic term for all that is tablets. I wake up in a world where Blackberry has fallen from grace, Nokia is struggling and Windows fights valiantly, trying to sail their ship through the rough sees of change. A world where a man who has been to space is upsetting the bearded Linux community as he sets his Ubuntu distribution on a very different road.

But in the shadows of the Apple sunrise appear the first wrinkles of age. Hairline cracks in the marble foundation of their users. A result of the fast changing times.

One of those cracks separates the “ old-school” Apple fans from their new Apple consumers. While the fortress of die-hard fans has held its ground over the years, staying true to the cupertino law .. I now start to see two types of Apple consumers. The ones that buy it because its Apple, a brand they believe in. The ones that call “Steve” and “Tim” by their first name as if they are close friends. The ones that stand by every decision Apple makes and get in line at 5am to buy their newest products. The old school guys.

They don’t care about the brand, they care about the product.

And then there is the “other” Apple user. A number far greater then the dying old-school fans, far greater then the creative hipsters and more numerous then those who knew Apple when it was nearly dead. These are the new Apple consumers. They buy and iPad because its an iPad, not because its an “Apple iPad”. The ones that could care less what colour of socks Tim Cook wore on the Keynote. The ones that come to the Apple store, on launching day at 3pm, to pick up a device thats on the shelf. Heralding the extinction of their predecessors, these are the new Apple consumers. They don’t care about the brand, they care about the product.

The great thing about history is that it repeats itself. As the Cupertino stock-rocket shoots towards its Aphex, I know that the ‘underdogs’ are being transformed by the power they have acquired. How the term ” Think different ” no longer applies if your product is the MAJOR product on the market. And like a teenage girl who becomes a woman overnight, so has Apple reached puberty with the coming of its first Flashback Trojan. The old underdog has become the establishment. The old establishment has become the underdog… And the revolving doors of revolution are set in motion again.

We live in interesting times of dramatic change where the fight to stay on top is punched out in ever shorter rounds. We sit by the sidelines and cheer on our heroes, wether they be the reigning champion or the underdog… And times go so fast that its hard to keep track who is who.

The drudgery of e-mail

A little while ago I was confronted with a very peculiar remark. “In the office you don’t have your email client open all the time like the rest of your co-workers”. When I heard the sentence I had to turn it over in my head a couple of times. My initial reaction was one of defence. Like somehow I had been scolded or that there had been a vague insinuation that I wasn’t working as hard as my co-workers because I did not spend all of my time in my email client. But as I sat down in the car for the drive home, I mulled the request over in my head over and over again, and came to the conclusion that it was absolutely absurd.

Not the remark itself of course. It was a valid comment to make. When somebody deviates from the norm he stands out and his behaviour is noticed by the rest of the group. That is a matter of common group dynamics. What, after some philosophical pondering, did surface, was the absurd realisation that “Email” is considered a valid form of occupation these days. The more mails you answer , the harder you work. Somehow, in the crazy group mind of the cubicle work bees , the quantity of communication has become the norm of productivity… not the quality of that communication.

We try to find meaning in this new landscape where we no longer produce anything tangible.

Where does this bizarre mindset come from ? If we take a look at our modern history, the roots of this way of thinking can be found in the industrial revolution. Back then workers had to come to the factory and produce X amount of goods in order to meet their quota. As you where sowing together ladies cosets or smashed a piece of raw iron into the shape of a bolt beneath a giant weld… the more pieces you churned out the harder you worked. But those days have come and gone and still their echo remains. As we march towards our office building and sit inside the cubicles of our “conveyor belt of ideas” we try to find meaning in this new landscape where we no longer produce anything tangible. “I’ve been running around all day long and it feels like I didn’t get anything done today”. I take it that all of us (including you AND your boss) have murmured this sentence to their beloved at some occasion. It is a symptom of the fact that our technology has changed our way of working at a pace that our brain cannot keep up. And i’m not talking about the pace of life or the speed at which we interact. I’m talking about the fact that we are no longer sowing together corsets but are ‘welding together’ abstract procedures, ideas or workflows that no longer give us anything tangible to show for at the end of the day. So the human mind goes in search of patterns it recognises in this new factory of thoughts. “Numbers of meetings attended” , “Number of calls received”, “I got 14 voicemails today”. “Look at the 45 business cards I got from the conference” “Today I had over 150 emails to get through”. Everywhere we can, we try to count ‘quantities’ of work, to give us hold on this completely abstract work environment.

So how many emails does it take to be a good office drone ? It’s a valid question. Back in the 1900’s your foreman gave you a quota to meet : 500 bolts by the end of the day. And that would be something you could ‘DO’… You could ‘Make’ the bolts, “Count” the bolts and SHOW your foreman the bolts at the end of the day. Life was easy. You know when you were behind and had to speed up, you knew when you were ahead and could slack off a little… But these days its not like that anymore. But if quantity of emails processed is “the new bolt” , I challenge you to step up to your manager and ask for that quota. “How many emails a day is the quota for a good office worker ?” The question is utterly absurd, but if we take a look at the way we still seem to “count” emails… its a valid question nonetheless.

There was a time where communication was a supportive process of the production process.

If we all want to meet our quota , where does it end ? Because you have to face it. If we all want to meet our virtual bolts quota we need to push out some emails… Don’t tap your co-worker on the shoulder, EMAIL him… even if he is right next to you. And please, put as many co-workers in the CC field as you can. Because the good thing about email is that you can not only “punch out your virtual bolt”, you can also share your hard labour with your co-workers to “keep them up to date”. In the process you send THEM virtual bolts to count… and on the end of the day we are just one big emailing swarm of office bee’s that have produced a 1000 virtual bolts… but didn’t get anything done. There was a time where communication was a supportive process of the production process. Somewhere along the line… communication has become a goal on its own.

And the one thing that makes me crack up when I think about this , are lines like : “I wanted to get so much done today , but all i did was trying to get through my emails” Its hilarious. Somehow handling mail has become more important then handling work. This can”t be right ? Can it ?

So, If you want to step away from the virtual “conveyer belt of bolts”… Try to reason with yourself the next time you want to hit send.

“Do I need to send out a message to the co-worker sitting next to me”: If he is within spitting, slapping, talking, shouting or walking range: DONT ! It will do both your debilitated physical condition and your deteriorating social skills some good to get the frack out of your seat and walk over.

“I’ll send him an email, otherwise he will forget”. Unless you are working in the Alzheimer office for terminal Alzheimer patients, there is a small but feasible chance that your co-workers ARE ABLE to remember stuff. Unless of course we write EVERYTHING down in an email and then SWAMP each other with emails… Yes… That will help. Perhaps its your personal visit to his or her office, or just the sweat staines your co-worker noticed on your shirt, that will MAKE them remember what you asked them.

“I need to cover my arse” Oh yea please ! Let’s all go office Gestapo on each other and by emailing every single detail, underline the fact that you trust absolutely no one at face value. The fact that YOU need to send out every critical (or non critical) event in an email, also says a lot about how trustworthy you feel about yourself. There are important things that need to be formally communicated, but for the love of god, lets not bury ourselves in more bureaucracy.

“Sorry, I don’t have the time, I have a lot of emails to get through”. That one happens to me too sometimes. But its bizarre ? Unless you work at a Russian spamming factory, “doing emails” is not your main task I hope.

To round it up, I can conclude with a simple logical deduction that even Spock would find enlightening. If we ALL spend less time doing email and more time just getting things done, we will get LESS email, and so E-spiral (that just sounds wrong , right ?) is broken for all of us.

Grandpah: Whats an IT Guy

Just close your eyes for a second and imagine sitting in your rocking chair with one of your grandchildren on your lap. As she absently plays with her holographic Nintendo DS66 she asks you a very odd question : “Grandpa, what’s an IT GUY ? ” You look up startled, momentarily distracted from the Yahoo-Tube video you where watching on your transparent digital contact lenses… sigh and start telling the story of the old days .. When we still had “IT Guys”.

Although this example may look like science fiction, the Yahoo / Youtube merger is actually the more implausible factor in my example. The DS, The transparent contacts AND the question , are one day to be very very real.

…where everybody with a keyboard and a Geocities account suddenly became a “webmaster” or “web designer”…

In my 15 years on the job i’ve seen many changes in the landscape of the IT profession. From the time where single programmers wrote up an entire suite of bookkeeping software for a company (and holding that company ransom later because they where the only ones who knew how it worked) to the aftermath of the dot.com bubble where everybody with a keyboard and a Geocities account suddenly became a “webmaster” or “web designer”. I remember the time where I pondered wether or not I needed to get my MCSE certification or where I franticly tried to find the right pins on a motherboard to attach the cable or the power switch. In those 15 years a lot has changed. Not only has my career moved along , I started out as a Tech/Sales guy at a small computershop and am currently holding a position as Demand Manager for New Technologies at a Dutch multinational, the landscape we work in has also changed.

When I used to ponder about the future, I thought us ‘tech heads’ would become the predominant group in the workforce of the future. As I saw IT technology grab hold of society and sink its digital teeth into the soft underbelly of our communities, I wondered how many “techies” we would need to keep it all running… Lots of them… right ? But perhaps I was wrong. As It integrated our daily lives more and more, the techies started to vanish. Where at first every company still had “his own IT Crowd”, nudged away somewhere in the basement (yes, I’ve been there) and given the task of keeping the servers up and running while also taking care of the fish in the company pond (yes, i’ve been there too) , the first generation of outsourcing was taking its toll. I have seen Helpdesk departments go extinct, gradually replaced by outsourcing partners on the floor. And in time, I walked the floor of companies where they did not have any techies in house whatsoever. Every server was housed somewhere in a datacenter. Every user was remote supported and once in a blue moon you would see a nerdy looking guy with white patches around the knee section of their jeans, linger by the coffee machine. Only by those “white kneecaps” could you recognise a field engineer ( The white kneecaps are a result of kneeling down on carpets a lot to fix computers… i too have been there). Coming from an age where the ‘ in house’ IT guys where revered or hated by the entire company , but where everybody knew your name… it changed to a work floor where some strange kid you don’t know comes by to fix your computer.

But even the “White Kneecaps” will start to go extinct someday. As we start using computers that don’t “open up” anymore and use (mobile) operating systems that do not require reinstalling… the roll of our system engineers is starting to dwindle away. As we slide down (or should I say ascend) into the world of cloud computers, there services, and those of their brethren taking care of our servers in a datacenter… are becoming obsolete. Hard disks fail ? The data is in the cloud. Network goes down ? I’ll just pop in my 3G dongle. Laptop eaten by dog ? I’ll just pick up a fresh one, all I need to do is configure my account.

I too am a fallen angel that now walks between the users.

With the consumerization of IT, The second generation of outsourcing, the migration to the cloud and the fundamental change in how we approach and use technology… things will change for the “IT guys”. In my own career I have found I have become a diplomatic liaison between technology and users. Assessing their needs and seeing what can be used to meet their demands. Although I still have a technical background it are more my communication skills and creativity that help me find a solution, then actually popping open a case and yanking out some wires. I too am a fallen angel that now walks between the users. My jeans are a deep blue (even around the knees) and my hands are no longer scratched from the sharp edges inside PC casings. As I look to the future I wonder what interesting times lie ahead for us in the IT business. How our roll, that I’ve seen evolving from “bookkeepers” to “engineers” will go more and more into the realm of digital diplomats. Where we wield knowledge and insights about technology we might no longer truly understand.

I once said that a computer should be like a toaster. Easy to operate and possessing the simplicity of an appliance. As I punch in this blogpost on my iPad , I realise that my prophecy has come true. My iPad is a toaster. It just works and there is nothing to ‘fix’. And we don’t need IT guys in the next room to fix a toaster… or do we ?